club gedragscode

Omgangsregels voor alle leden

Onze 10 vuistregels bij De IJssel zijn:

  1. Wij luisteren naar elkaar. 
  2. Wij blijven van elkaar en van elkaars spullen af. 
  3. Wij bedreigen elkaar niet. 
  4. Wij letten niet te veel op elkaar en roddelen niet over elkaar. 
  5. Wij schelden niemand uit. 
  6. Wij spelen samen. 
  7. Iedereen hoort erbij. 
  8. Wij denken eerst na voor we iets doen. 
  9. Wij lachen niemand uit. 
  10. Wij doen niet iets bij een ander dat we zelf ook niet prettig vinden. 
  11. Wij benadelen niemand.


Basis gedragsregels voor begeleiding

In de sport is de relatie tussen de trainer en de sporter erg belangrijk. Daarom heeft de georganiseerde sport gedragsregels vastgesteld, gericht op trainers, coaches, kaderleden etc. De gedragsregels maken deel uit van het Tuchtreglement van de sportbond. Ze geven aan waar de grenzen liggen in het contact tussen begeleider en sporter. De regels op een rij:

 

  • De begeleider zorgt voor een veilige omgeving en sfeer.
  • De begeleider tast de sporter niet in zijn waardigheid aan dringt niet verder in het privé-leven van de sporter door dan nodig.
  • De begeleider onthoudt zich van elke vorm van (machts)misbruik of seksuele Intimidatie tegenover de sporter.
  • Seksuele handelingen en seksuele relaties tussen de begeleider en de jeugdige sporter tot zestien jaar zijn onder geen beding geoorloofd en worden beschouwd als seksueel misbruik.
  • De begeleider mag de sporter niet zodanig aanraken dat de sporter en/of de begeleider dit ervaart als seksueel of erotisch van aard.
  • De begeleider onthoudt zich van (verbale) seksueel getinte intimiteiten.
  • De begeleider zal tijdens training(sstages), wedstrijden en reizen gereserveerd en met respect omgaan met de sporter.
  • De begeleider heeft de plicht de sporter te beschermen tegen schade en (machts)misbruik als gevolg van seksuele Intimidatie.
  • De begeleider zal de sporter geen (im)materiĆ«le vergoedingen geven met de bedoeling tegenprestaties te vragen. Ook de begeleider aanvaardt geen extra financiĆ«le beloning of geschenken van de sporter anders dan vooraf is afgesproken.
  • De begeleider ziet erop toe dat deze regels worden nageleefd door iedereen die bij de sporter is betrokken.
  • In die gevallen waarin de gedragsregels niet (direct) voorzien, ligt het binnen de verantwoordelijkheid van de begeleider in de geest hiervan te handelen.

 

Aannamebeleid

Een pleger van seksueel misbruik herken je niet aan het uiterlijk. Vaak zijn het aardige en populaire mensen die zich binnen korte tijd onmisbaar weten te maken. Bekend is dat ze situaties opzoeken waarin ze makkelijk in contact komen met kwetsbaren zoals minderjarigen en mensen et een verstandeijke beperking. Daarbij maken ze gebruik van het vertrouwen van een organisatie. Een goed aannamebeleid kan ernstige problemen voorkomen. Door het hebben van aannamebeleid zullen mensen met verkeerde bedoelingen eerder afgeschrikt worden om binnen uw sportorganisatie een functie te vervullen. Daarom is het raadzaam om één of meerdere van onderstaande stappen te doorlopen met nieuwe vrijwilligers:

* Houd een kennismakingsgesprek.
* Check referenties; bel de club waar waar de vrijwilliger vandaan komt.
* Laat een VOG aanvragen en herhaal dat elke 3-5 jaar.
* Maak de begeleider lid van de bond en als dat niet kan, laat de begeleider een VOT (Verklaring onderwerping Tuchtrecht) tekenen. Daarmee valt begeleider onder het tuchtrecht van de bond en is hij daarvan op de hoogte.
* Maak de begeleider bekend met de gedragsregels (zie hierboven).


NB: voor een uitgebreide uiteenzetting van het beleid verwijzen we u graag naar het huishoudelijk reglement